Deze publicatie maakt gebruik van cookies

We gebruiken functionele en analytische cookies om onze website te verbeteren. Daarnaast plaatsen derde partijen tracking cookies om gepersonaliseerde advertenties op social media weer te geven. Door op accepteren te klikken gaat u akkoord met het plaatsen van deze cookies.
Earvin van Ginkel is senior beleidsmedewerker bij de Vereniging van Financieringsondernemingen in Nederland (VFN)
Consumptief krediet

Kredietverlening is een integraal onderdeel van goed financieel advies. De hypotheekadviseur die consumptief krediet structureel meeneemt in het klantgesprek, kijkt verder dan de woning en stuurt op de totale financiële gezondheid. “Verantwoord lenen is financieel vooruitzien. Adviseurs die dat omarmen zijn de financiële regisseurs van de toekomst”, verwoordt Van Ginkel het kernachtig. “De uitdaging voor adviseurs ligt niet alleen in het adviesgesprek, maar ook in de beeldvorming. Wie uitlegt dat verantwoord lenen juist bijdraagt aan financiële stabiliteit, helpt mee om het oude taboe te doorbreken. Dat is precies wat de geprofessionaliseerde kredietmarkt van vandaag nodig heeft.”

Word ook financieel regisseur

Kunstmatige intelligentie (AI) wordt bij kredieten al veelvuldig toegepast bij fraudeherkenning en klantcommunicatie. Bij fraudedetectie en documentcontrole kan AI bijvoorbeeld helpen om de echtheid van identiteitsbewijzen of loonstroken te verifiëren. Ook in klantcommunicatie ligt volgens Van Ginkel potentieel: “Chatbots blijken drempelverlagend. Mensen ervaren minder schaamte om via een chatbot aan de bel te trekken bij betalingsproblemen. Dat kan helpen bij vroegsignalering.”

Maar hij is ook realistisch over de risico’s. “AI bij kredietwaardigheidsbeoordeling valt in Europa onder de hoogrisicocategorie. Dat betekent zware eisen aan transparantie, uitlegbaarheid en menselijk toezicht. Zelflerende algoritmen zijn immers niet altijd te verklaren, terwijl financiële besluitvorming dat wel vereist. Daarom pleit de VFN voor een verantwoorde toepassing van AI. Een mens moet altijd kunnen uitleggen waarom een aanvraag is goedgekeurd of afgewezen”, aldus Van Ginkel.

 De VFN werkt aan richtsnoeren voor verantwoord AI-gebruik, zodat automatisering vertrouwen versterkt. “AI moet geen doel op zich zijn”, zegt Van Ginkel. “Het is een middel om kredietverlening menselijker en betrouwbaarder te maken.”

Verantwoord AI-gebruik

De kredietmarkt heeft digitalisering vroegtijdig omarmd. De meeste VFN-leden werken met brondata en hebben directe koppelingen met loonstroken, banktransacties en BKR-registraties. Dat maakt het aanvraagproces sneller, betrouwbaarder en minder fraudegevoelig, concludeert Van Ginkel. Toch waarschuwt hij voor te veel snelheid. “Een lening afsluiten binnen een minuut klinkt aantrekkelijk, maar het ontneemt de consument de tijd om echt stil te staan bij de gevolgen van die beslissing.” Bij verantwoord krediet past volgens hem dan ook een moment van bezinning. “Een financiële verplichting aangaan vraagt om reflectie: heb ik dit echt nodig? Kan ik het financieel dragen? Snelheid is prima, zolang de noodzakelijke bezinning behouden blijft.”

Daarnaast wijst Van Ginkel op het risico van overautomatisering. Wanneer beslissingen volledig door algoritmes worden genomen, verdwijnt het menselijke inzicht dat nodig is om uitzonderingen of bijzondere omstandigheden te herkennen. “Kredietverlening is meer dan een rekensom,” benadrukt hij. “Het vraagt ook om context, interpretatie en gezond verstand. Technologie mag dat niet vervangen, maar kan het wel ondersteunen.”

Te snel is ook niet goed

Van Ginkel stelt vast dat consumptief krediet voor veel hypotheekadviseurs nog steeds een blinde vlek is, terwijl volgens hem juist daar kansen liggen. “Veel consumenten gebruiken een persoonlijke lening als aanvulling op hun hypotheek, bijvoorbeeld voor een verbouwing, verduurzaming of voor grote aankopen.” De meeste adviseurs denken volgens hem echter nog steeds primair in hypotheken. “Juist in de huidige markt met hogere rentes is consumptief krediet vaak een logische tweede stap. Want een nieuwe keuken of verduurzamingsinvesteringen zoals een warmtepomp of zonnepanelen financier je niet met een looptijd van dertig jaar. Dat is niet in het belang van de consument. Een persoonlijke lening sluit beter aan bij de levensduur van zo’n investering, zonder bijkomende notariskosten of adviesverplichtingen”, aldus Van Ginkel. “Wie krediet als integraal onderdeel van zijn advies ziet, bouwt aan een bredere en toekomstbestendigere klantrelatie.”

Een factor die zowel de hypotheek- als de kredietmarkt beïnvloedt is het Nationaal Warmtefonds. Vooral omdat huishoudens tot een verzamelinkomen van 60.000 euro daar renteloos kunnen lenen voor woningverduurzaming. De VFN heeft daar gemengde gevoelens bij. Van Ginkel: “Het doel is goed, maar de uitvoering verstoort de marktverhoudingen. Het Warmtefonds is in feite een door de overheid gesubsidieerde kredietverstrekker. De overheid is daarmee zelf marktpartij geworden. Je ontmoedigt daarmee commerciële partijen om te investeren in verduurzamingsleningen. Dat kan toch niet de bedoeling zijn?”

Blinde vlek hypotheekadviseurs

Ondanks alle doorgevoerde verbeteringen blijft het imago rond kredietverlening een hardnekkige kwestie. “We zijn een calvinistisch land”, zegt Van Ginkel. “Er heerst het idee dat lenen per definitie slecht is. Terwijl een hypotheek – wat ook gewoon een lening is – als iets deugdelijks wordt gezien. De realiteit is dat grote aankopen zoals (elektrische) auto’s, verduurzamingsmaatregelen of opleidingen voor de meeste huishoudens simpelweg niet uit eigen middelen te financieren zijn. Zolang krediet verantwoord wordt verstrekt, is het een nuttig instrument. Verantwoord lenen is financieel vooruitzien”, aldus Van Ginkel.

Negatieve perceptie ombuigen

De volgende grote stap in de ontwikkeling van de kredietmarkt is de invoering van de herziene Europese Richtlijn Consumentenkrediet. De richtlijn moet uiterlijk op 20 november 2025 zijn omgezet in nationale wetgeving en zal vervolgens vanaf 20 november 2026 van toepassing zijn in Nederland. De VFN zet zich in om de belangen van kredietverstrekkers te behartigen in het Nederlandse implementatiewetgevingsproces en zal haar leden ondersteunen bij de implementatie ervan. Via de Europese koepel Eurofinas brengt de VFN ook in Brussel de Nederlandse praktijk onder de aandacht, zodat Europese regelgeving beter aansluit bij de realiteit van onze markt.

De Consumer Credit Directive (CCD2), zoals de richtlijn officieel heet, versterkt de consumentenbescherming en moet gelijke concurrentievoorwaarden creëren voor kredietaanbieders. Waar de oorspronkelijke richtlijn uit 2008 nog uitging van papierwerk en nationale verschillen, brengt CCD2 het Europese toezicht op kredietverlening in lijn met de digitale realiteit. Zo breidt CCD2 de reikwijdte van consumentenkrediet uit door de ondergrens van 200 euro te schrappen en de bovengrens te verhogen naar 100.000 euro. Hierdoor komen meer kredietproducten onder toezicht te vallen. Nieuwe marktspelers zoals Buy Now Pay Later-diensten (BNPL), crowdfunding en leasing met optie tot koop vallen straks dus ook onder de strenge regelgeving, inclusief verplichte toetsingen en BKR-registraties.

De richtlijn stelt ook strengere eisen aan reclame, informatieverstrekking en kredietwaardigheidstoetsing. Volgens Van Ginkel zal de impact op de Nederlandse markt relatief beperkt zijn. “Nederland loopt al voorop in verantwoord krediet. De meeste verplichtingen die Europa nu invoert, hebben we hier allang in de praktijk gebracht. De VFN pleit wel voor proportionaliteit: een klein krediet met korte looptijd vraagt niet dezelfde toetsingslast als een langlopende persoonlijke lening.”

CCD2 als nieuw ijkpunt

Een van de grootste verschuivingen in de sector is de bijna volledige verdwijning van het klassiek doorlopend krediet. Waar dit product ooit populair was vanwege de flexibiliteit, is het sinds de kredietcrisis steeds verder teruggedrongen. Tien jaar geleden was het nog een standaardproduct, maar door veranderde regelgeving en maatschappelijke aandacht voor overkreditering is de leenvorm nagenoeg helemaal verdwenen. “Vandaag de dag is meer dan 90 procent van het verstrekte gereguleerde krediet aflopend: een persoonlijke lening met vaste looptijd en maandlasten”, stelt Van Ginkel vast. Dat is volgens hem een gezonde ontwikkeling. “Een persoonlijke lening is transparanter en voorspelbaarder. De consument weet precies waar hij aan toe is.”

Van doorlopend naar aflopend krediet

De Vereniging van Financieringsondernemingen in Nederland werd in 1928 opgericht. Een tijd waarin kredietverlening nog een relatief nieuw fenomeen was. De vereniging staat dus al bijna een eeuw voor financiële zelfregulering. De oorspronkelijke naam luidde Vereeniging van Directeuren van Financieringsmaatschappijen in Nederland, maar al snel ontwikkelde de vereniging zich tot een brede brancheorganisatie. Inmiddels telt de VFN circa 30 leden: bancaire kredietverstrekkers, autofinanciers (captives) en onafhankelijke financiers. Samen vertegenwoordigen deze partijen volgens Van Ginkel ongeveer 90 procent van de gereguleerde consumptieve kredietmarkt in Nederland. Daarmee vervult de VFN een sleutelrol als gesprekspartner voor politiek, toezichthouders en maatschappelijke organisaties. Daarnaast fungeert de vereniging als hoeder van zelfregulering, met de Gedragscode en de Leennormenmethodiek als instrumenten voor verantwoorde kredietverstrekking.

Hoeder van zelfregulering

‘Lenen is geen zonde, zolang het zorgvuldig gebeurt’

‘In de EU loopt Nederland voorop in verantwoord krediet’

‘Verantwoord lenen is financieel vooruitzien’

De markt voor consumptief krediet heeft in de achterliggende decennia een opmerkelijke ontwikkeling doorgemaakt. Van een anders ingericht en minder strak toezicht- en normenkader in de jaren ’90 onder de Wet op het consumentenkrediet (Wck) naar het huidige, striktere en transparantere regime, waarin verantwoorde kredietverstrekking centraal staat. Volgens Earvin van Ginkel, senior beleidsmedewerker bij de Vereniging van Financieringsondernemingen in Nederland (VFN), is de marktomgeving niet alleen ingrijpend veranderd, maar is de markt voor consumptief krediet ook geprofessionaliseerd.

Van Ginkel: “Er is een tijd geweest waarin het woord ‘krediet’ vooral negatieve associaties opriep. Dat komt voort uit een periode waarin regels en toezicht nog in de kinderschoenen stonden. Inmiddels zijn de leennormen, de cultuur en het toezicht zó ver doorontwikkeld dat kredietverlening vandaag de dag niet alleen verantwoord, maar ook maatschappelijk relevant is. De perceptie loopt daar helaas nog niet altijd in mee.”

De Vereniging van Financieringsondernemingen in Nederland (VFN) ziet al bijna een eeuw toe op professionaliteit, zelfregulering en eerlijke spelregels binnen de markt voor consumptief krediet. Senior beleidsmedewerker Earvin van Ginkel: “De markt is volwassen geworden. Consumptief krediet is nu een instrument om vooruit te komen, mits het zorgvuldig wordt toegepast.”

Auteur: Alex Klein

‘De markt voor consumptief krediet is volwassen geworden’

Vereniging van Financieringsondernemingen in Nederland:

Earvin van Ginkel is senior beleidsmedewerker bij de Vereniging van Financieringsondernemingen in Nederland (VFN)

Ondanks alle doorgevoerde verbeteringen blijft het imago rond kredietverlening een hardnekkige kwestie. “We zijn een calvinistisch land”, zegt Van Ginkel. “Er heerst het idee dat lenen per definitie slecht is. Terwijl een hypotheek – wat ook gewoon een lening is – als iets deugdelijks wordt gezien. De realiteit is dat grote aankopen zoals (elektrische) auto’s, verduurzamingsmaatregelen of opleidingen voor de meeste huishoudens simpelweg niet uit eigen middelen te financieren zijn. Zolang krediet verantwoord wordt verstrekt, is het een nuttig instrument. Verantwoord lenen is financieel vooruitzien”, aldus Van Ginkel.

Negatieve perceptie ombuigen

‘Lenen is geen zonde, zolang het zorgvuldig gebeurt’

De volgende grote stap in de ontwikkeling van de kredietmarkt is de invoering van de herziene Europese Richtlijn Consumentenkrediet. De richtlijn moet uiterlijk op 20 november 2025 zijn omgezet in nationale wetgeving en zal vervolgens vanaf 20 november 2026 van toepassing zijn in Nederland. De VFN zet zich in om de belangen van kredietverstrekkers te behartigen in het Nederlandse implementatiewetgevingsproces en zal haar leden ondersteunen bij de implementatie ervan. Via de Europese koepel Eurofinas brengt de VFN ook in Brussel de Nederlandse praktijk onder de aandacht, zodat Europese regelgeving beter aansluit bij de realiteit van onze markt.

De Consumer Credit Directive (CCD2), zoals de richtlijn officieel heet, versterkt de consumentenbescherming en moet gelijke concurrentievoorwaarden creëren voor kredietaanbieders. Waar de oorspronkelijke richtlijn uit 2008 nog uitging van papierwerk en nationale verschillen, brengt CCD2 het Europese toezicht op kredietverlening in lijn met de digitale realiteit. Zo breidt CCD2 de reikwijdte van consumentenkrediet uit door de ondergrens van 200 euro te schrappen en de bovengrens te verhogen naar 100.000 euro. Hierdoor komen meer kredietproducten onder toezicht te vallen. Nieuwe marktspelers zoals Buy Now Pay Later-diensten (BNPL), crowdfunding en leasing met optie tot koop vallen straks dus ook onder de strenge regelgeving, inclusief verplichte toetsingen en BKR-registraties.

De richtlijn stelt ook strengere eisen aan reclame, informatieverstrekking en kredietwaardigheidstoetsing. Volgens Van Ginkel zal de impact op de Nederlandse markt relatief beperkt zijn. “Nederland loopt al voorop in verantwoord krediet. De meeste verplichtingen die Europa nu invoert, hebben we hier allang in de praktijk gebracht. De VFN pleit wel voor proportionaliteit: een klein krediet met korte looptijd vraagt niet dezelfde toetsingslast als een langlopende persoonlijke lening.”

CCD2 als nieuw ijkpunt

‘In de EU loopt Nederland voorop in verantwoord krediet’

Een van de grootste verschuivingen in de sector is de bijna volledige verdwijning van het klassiek doorlopend krediet. Waar dit product ooit populair was vanwege de flexibiliteit, is het sinds de kredietcrisis steeds verder teruggedrongen. Tien jaar geleden was het nog een standaardproduct, maar door veranderde regelgeving en maatschappelijke aandacht voor overkreditering is de leenvorm nagenoeg helemaal verdwenen. “Vandaag de dag is meer dan 90 procent van het verstrekte gereguleerde krediet aflopend: een persoonlijke lening met vaste looptijd en maandlasten”, stelt Van Ginkel vast. Dat is volgens hem een gezonde ontwikkeling. “Een persoonlijke lening is transparanter en voorspelbaarder. De consument weet precies waar hij aan toe is.”

Van doorlopend naar aflopend krediet

Kunstmatige intelligentie (AI) wordt bij kredieten al veelvuldig toegepast bij fraudeherkenning en klantcommunicatie. Bij fraudedetectie en documentcontrole kan AI bijvoorbeeld helpen om de echtheid van identiteitsbewijzen of loonstroken te verifiëren. Ook in klantcommunicatie ligt volgens Van Ginkel potentieel: “Chatbots blijken drempelverlagend. Mensen ervaren minder schaamte om via een chatbot aan de bel te trekken bij betalingsproblemen. Dat kan helpen bij vroegsignalering.”

Maar hij is ook realistisch over de risico’s. “AI bij kredietwaardigheidsbeoordeling valt in Europa onder de hoogrisicocategorie. Dat betekent zware eisen aan transparantie, uitlegbaarheid en menselijk toezicht. Zelflerende algoritmen zijn immers niet altijd te verklaren, terwijl financiële besluitvorming dat wel vereist. Daarom pleit de VFN voor een verantwoorde toepassing van AI. Een mens moet altijd kunnen uitleggen waarom een aanvraag is goedgekeurd of afgewezen”, aldus Van Ginkel.

 De VFN werkt aan richtsnoeren voor verantwoord AI-gebruik, zodat automatisering vertrouwen versterkt. “AI moet geen doel op zich zijn”, zegt Van Ginkel. “Het is een middel om kredietverlening menselijker en betrouwbaarder te maken.”

Verantwoord AI-gebruik

De kredietmarkt heeft digitalisering vroegtijdig omarmd. De meeste VFN-leden werken met brondata en hebben directe koppelingen met loonstroken, banktransacties en BKR-registraties. Dat maakt het aanvraagproces sneller, betrouwbaarder en minder fraudegevoelig, concludeert Van Ginkel. Toch waarschuwt hij voor te veel snelheid. “Een lening afsluiten binnen een minuut klinkt aantrekkelijk, maar het ontneemt de consument de tijd om echt stil te staan bij de gevolgen van die beslissing.” Bij verantwoord krediet past volgens hem dan ook een moment van bezinning. “Een financiële verplichting aangaan vraagt om reflectie: heb ik dit echt nodig? Kan ik het financieel dragen? Snelheid is prima, zolang de noodzakelijke bezinning behouden blijft.”

Daarnaast wijst Van Ginkel op het risico van overautomatisering. Wanneer beslissingen volledig door algoritmes worden genomen, verdwijnt het menselijke inzicht dat nodig is om uitzonderingen of bijzondere omstandigheden te herkennen. “Kredietverlening is meer dan een rekensom,” benadrukt hij. “Het vraagt ook om context, interpretatie en gezond verstand. Technologie mag dat niet vervangen, maar kan het wel ondersteunen.”

Te snel is ook niet goed

Van Ginkel stelt vast dat consumptief krediet voor veel hypotheekadviseurs nog steeds een blinde vlek is, terwijl volgens hem juist daar kansen liggen. “Veel consumenten gebruiken een persoonlijke lening als aanvulling op hun hypotheek, bijvoorbeeld voor een verbouwing, verduurzaming of voor grote aankopen.” De meeste adviseurs denken volgens hem echter nog steeds primair in hypotheken. “Juist in de huidige markt met hogere rentes is consumptief krediet vaak een logische tweede stap. Want een nieuwe keuken of verduurzamingsinvesteringen zoals een warmtepomp of zonnepanelen financier je niet met een looptijd van dertig jaar. Dat is niet in het belang van de consument. Een persoonlijke lening sluit beter aan bij de levensduur van zo’n investering, zonder bijkomende notariskosten of adviesverplichtingen”, aldus Van Ginkel. “Wie krediet als integraal onderdeel van zijn advies ziet, bouwt aan een bredere en toekomstbestendigere klantrelatie.”

Een factor die zowel de hypotheek- als de kredietmarkt beïnvloedt is het Nationaal Warmtefonds. Vooral omdat huishoudens tot een verzamelinkomen van 60.000 euro daar renteloos kunnen lenen voor woningverduurzaming. De VFN heeft daar gemengde gevoelens bij. Van Ginkel: “Het doel is goed, maar de uitvoering verstoort de marktverhoudingen. Het Warmtefonds is in feite een door de overheid gesubsidieerde kredietverstrekker. De overheid is daarmee zelf marktpartij geworden. Je ontmoedigt daarmee commerciële partijen om te investeren in verduurzamingsleningen. Dat kan toch niet de bedoeling zijn?”

Blinde vlek hypotheekadviseurs

Kredietverlening is een integraal onderdeel van goed financieel advies. De hypotheekadviseur die consumptief krediet structureel meeneemt in het klantgesprek, kijkt verder dan de woning en stuurt op de totale financiële gezondheid. “Verantwoord lenen is financieel vooruitzien. Adviseurs die dat omarmen zijn de financiële regisseurs van de toekomst”, verwoordt Van Ginkel het kernachtig. “De uitdaging voor adviseurs ligt niet alleen in het adviesgesprek, maar ook in de beeldvorming. Wie uitlegt dat verantwoord lenen juist bijdraagt aan financiële stabiliteit, helpt mee om het oude taboe te doorbreken. Dat is precies wat de geprofessionaliseerde kredietmarkt van vandaag nodig heeft.”

Word ook financieel regisseur

‘Verantwoord lenen is financieel vooruitzien’

De markt voor consumptief krediet heeft in de achterliggende decennia een opmerkelijke ontwikkeling doorgemaakt. Van een anders ingericht en minder strak toezicht- en normenkader in de jaren ’90 onder de Wet op het consumentenkrediet (Wck) naar het huidige, striktere en transparantere regime, waarin verantwoorde kredietverstrekking centraal staat. Volgens Earvin van Ginkel, senior beleidsmedewerker bij de Vereniging van Financieringsondernemingen in Nederland (VFN), is de marktomgeving niet alleen ingrijpend veranderd, maar is de markt voor consumptief krediet ook geprofessionaliseerd.

Van Ginkel: “Er is een tijd geweest waarin het woord ‘krediet’ vooral negatieve associaties opriep. Dat komt voort uit een periode waarin regels en toezicht nog in de kinderschoenen stonden. Inmiddels zijn de leennormen, de cultuur en het toezicht zó ver doorontwikkeld dat kredietverlening vandaag de dag niet alleen verantwoord, maar ook maatschappelijk relevant is. De perceptie loopt daar helaas nog niet altijd in mee.”

De Vereniging van Financieringsondernemingen in Nederland werd in 1928 opgericht. Een tijd waarin kredietverlening nog een relatief nieuw fenomeen was. De vereniging staat dus al bijna een eeuw voor financiële zelfregulering. De oorspronkelijke naam luidde Vereeniging van Directeuren van Financieringsmaatschappijen in Nederland, maar al snel ontwikkelde de vereniging zich tot een brede brancheorganisatie. Inmiddels telt de VFN circa 30 leden: bancaire kredietverstrekkers, autofinanciers (captives) en onafhankelijke financiers. Samen vertegenwoordigen deze partijen volgens Van Ginkel ongeveer 90 procent van de gereguleerde consumptieve kredietmarkt in Nederland. Daarmee vervult de VFN een sleutelrol als gesprekspartner voor politiek, toezichthouders en maatschappelijke organisaties. Daarnaast fungeert de vereniging als hoeder van zelfregulering, met de Gedragscode en de Leennormenmethodiek als instrumenten voor verantwoorde kredietverstrekking.

Hoeder van zelfregulering

De Vereniging van Financieringsondernemingen in Nederland (VFN) ziet al bijna een eeuw toe op professionaliteit, zelfregulering en eerlijke spelregels binnen de markt voor consumptief krediet. Senior beleidsmedewerker Earvin van Ginkel: “De markt is volwassen geworden. Consumptief krediet is nu een instrument om vooruit te komen, mits het zorgvuldig wordt toegepast.”

Auteur: Alex Klein

Vereniging van Financieringsondernemingen in Nederland:

Consumptief krediet

‘De markt voor consumptief krediet is volwassen geworden’